Het is niet mogelijk dat er twee of meer substanties zouden bestaan van dezelfde natuur of hetzelfde attribuut.
In het heelal kunnen geen twee of meer zelfstandige wezens van dezelfde natuur of
eigenschap bestaan.
Deze stelling volgt uit het voorgaande en deze stelling is weer nodig om verder te gaan.
Substantie was al lange tijd een belangrijk begrip in de filosofie: Aristoteles definieert het als “dat wat op zichzelf bestaat en niet in iets anders aanwezig is”. Spinoza is het hier mee eens: “ Ik versta onder substantie iets dat in zichzelf is en vanuit zichzelf verklaard kan worden. Dus iets waarvan het begrip niet gevormd hoeft te worden vanuit andere dingen.“
Bij Aristoteles is ieder individu een substantie: “een zelfstandig bestaand ding, wat drager is van eigenschappen, maar zelf geen eigenschap van iets anders is”.Descartes kwam tot een soort gelijke conclusie. Met deze twee filosofen is Spinoza het dus helemaal niet mee eens.
Dat ieder menselijk lichaam van hetzelfde is gemaakt, daar is iedereen het wel over eens. Dus dat er niet meer dan 1 substantie met het attribuut “uitgebreidheid” (materie) bestaat is voor de meesten acceptabel.
Is onze geest / ziel / bewustzijn een substantie? En is onze geest / ziel / bewustzijn dus niet gevormd uit een universeel bewustzijn / God ?
Spinoza zegt dat ons ‘denken’ een modus, een verschijningsvorm van één substantie met het attribuut “denken”. Een zeer groot verschil met verstrekkende gevolgen, zoals je nu misschien al aanvoelt, of zoals later zal blijken,
